De aankomst

Onze auto is aardig groot. Eigenlijk behoorlijk groot. Vandaag bleek hij zelfs groot genoeg voor de koffer van Arnon. Arnon zelf was wel genoodzaakt om op de grond, tussen de stoelen van de meisjes te gaan zitten. Mijn bijrijder van vanmiddag was namelijk de koffer. Ondanks ik de meisjes had gevraagd Arnon niet te gaan schoppen, kon Ronja haar voeten niet stil houden. Ook het knuffelegeltje was een mooi object om de reservepapa mee te bekogelen. Arnon zei dat het niet lief was wat ze deden.

En toen waren we thuis. Ronja en Thura gingen verder met tekenen, Layla wilde samen een boekje lezen en Zora hing al bijtend aan mijn borst. Vanuit mijn ooghoeken, tussen de regels door, sloeg ik Arnon gade. Hij keek in zijn telefoon, krabbelde later wat in zijn notitieboekje, deed zijn laptop open en meteen weer dicht en sloeg ook ons gade. De vraag ‘ kan ik iets doen?’ stelde hij een paar keer. Het lijkt een simpele vraag, maar het is een van de moeilijkste voor mij om te beantwoorden. Ik ben iemand die het fijn vind om niet zo veel te hoeven zeggen. Ik vind het fijn als mensen uit zichzelf zien of er iets gedaan kan worden. Gelukkig voor Arnon ben ik gewend dat de vader hier in huis ook niet altijd dingen uit zichzelf ziet en oppakt en leer ik steeds beter om uit te spreken wat nodig is. En gelukkig voor mij herinnerde Arnon zich vanavond, dat wij geen schoenen in huis dragen. Ik hoefde dus niet meer te vragen of hij zijn schoenen uit wilde doen.

Het eerste wat mij opviel is dat onze reservepapa veel denkt, althans dat dacht ik. Dus ik vroeg of het wel eens stil is in zijn hoofd. Een vader hoeft namelijk niet de hele dag na te denken. Als je buiten speelt met kleine meisjes hoef je niet na te denken. Als je de tafel afruimt hoef je ook niet na te denken. Als je boekjes voorleest ook niet en bij het tanden poetsen ook niet. ‘Het is makkelijker voor mij om te denken. Dat gaat altijd maar door. Bij jou toch ook?’, antwoordde hij.

Misschien wordt dat wel de grootste uitdaging van Arnon deze week. Om er helemaal te zijn voor de meisjes. Om, zonder dat zijn hoofd er steeds gedachten over heeft, te kunnen genieten van kleine Layla die naar zijn verhalen luistert. Of misschien ervaart hij ook kriebels in zijn buik als kleine Zora schaterlacht als hij haar kietelt. Of trots wanneer hij Ronja met kleren aan door het zwembad ziet oefenen voor haar A-diploma. En misschien zelfs wel onvoorwaardelijke liefde als hij de uitdaging van Thura durft aan te nemen en stoeiend met haar over het gras rolt.

Papa Rini schreef reservepapa Arnon een e-mail met praktische zaken. Daarin schreef hij dat het vaderschap het mooiste is wat hem ooit is overkomen. En dat zelfs alleen al de gedachte aan zijn kinderen hem een gelukzalig en rijk gevoel geeft. Dus of Arnon nu wel of niet zijn hoofd een moment stil kan krijgen deze week: er is slechts één vaderlijke gedachte nodig om onvoorwaardelijk veel van je (reserve)kinderen te houden.

Advertenties

Reservepapa

Het is ruim drie jaar geleden dat ik in de Volkskrant een Voetnoot las, waarin Arnon Grunberg zich aanbood als ‘reservepapa’: 6714-1024x768

Op dat moment, begin juli 2014, was ik inmiddels moeder van Ronja en Thura. Layla zat net in mijn buik. De papa van mijn kindjes was toen al regelmatig van huis voor zijn werk. En minstens eens per jaar is hij afwezig voor zeker 12 dagen. Je kunt je wellicht voorstellen dat ik erg enthousiast werd van deze voetnoot. Naast dat ik als puber dusdanig onder de indruk was van ‘De Asielzoeker’ en ‘De Joodse Messias’ dat ik besloot Nederlands te gaan studeren, wat overigens een onjuiste motivatie bleek om een studie te beginnen, is een paar extra handen wanneer ik alleen ben geen overbodige luxe. Ik meldde ons gezin aan voor dit experiment.

Het heeft even geduurd. Er werden intussen nog twee meisjes geboren. Begin juni 2017 ging Arnon op huisbezoek bij de gezinnen die zich hadden aangemeld, ter kennismaking. Zelf had ik deze kennismaking ook echt nodig. De afgelopen jaren ben ik nogal vervreemd van zijn literaire werk en las ik (als ik al iets las) met name boeken rondom zwangerschap en moederschap. Ik had geen idee wie Arnon was (is…). Alleen een vaag gevoel van een extreem rationeel figuur, galmde door mijn systeem. Waar dit vooroordeel op gebaseerd was, ik heb werkelijk geen idee. Toen ik de deur voor hem opende, smolt dit vage gevoel als sneeuw voor de zon. En tijdens het ‘kennismaken’ zag ik een vriendelijke, zachtaardige en geïnteresseerde man. Weliswaar een zeer snelle geest, maar toch ook zeker een gevoelig wezen. Dat, in combinatie met het brilletje, de warrige haren en het niet al te lange postuur, maakte Arnon een ideale reservepapa. En de stralende ogen toen ik vroeg of hij een stukje zelfgebakken lekkers wilde, maakten de kennismaking helemaal compleet.

Arnon vertelde dat hij bij 20 (!) gezinnen op huisbezoek zou gaan. Mijn partner dacht dat wij wel de top 5 zouden halen. Ik kon mij eigenlijk niet voorstellen dat Arnon niet voor ons gezin zou kiezen. Ook al was hij hier slechts 45 minuten voor een kennismaking, Arnon wekte de indruk dat wij vreemd en oncomfortabel genoeg waren om over te gaan schrijven. En volgens mij weet je in enkele seconden al of er een ‘klik’ is met iemand. En op de een of andere manier voelde het heel kloppend. Begin juli kregen wij de vraag of we nog interesse hadden. En dat hadden we. Op naar een nieuw avontuur!

Zaterdag 2 september krijgen we dan eindelijk de reserve-vader in huis. Eigenlijk twee weken te laat, want mijn partner is 21 augustus al naar Brazilië vertrokken. Hoe zal dat zijn, een bekende vreemde in huis, die de plek van de papa van mijn kinderen gaat innemen? Hoe zal het voor de meisjes zijn als een andere man hun naar school brengt en ophaalt? Hoe zal het voor hem zijn, om vanuit het niets opeens vier kleine meisjes aan zijn broek te hebben hangen? Om eigenlijk een heel ander leven binnen te stappen? En wat zal ik allemaal ervaren… Ik ben heel erg benieuwd. Jullie vast ook. Arnons ervaring kan je iedere dag in de NRC lezen. En mijn visie op Arnons reserve-vaderschap kan je hier lezen. ‘Arnon meets big mama heart’, schreef mijn vriendin Anna Myrte. We gaan het beleven!